Offshore windenergie en biodiversiteit

05.05.2026

Hoe verzoenen we energieproductie en bescherming van de zee?

De ontwikkeling van offshore windenergie in de Noordzee is vandaag een essentieel onderdeel van de energietransitie. Tegelijk roept ze heel wat vragen op: wat is de impact op de mariene biodiversiteit? Kunnen hernieuwbare energieproductie en bescherming van ecosystemen samengaan? En welke rol kunnen burgers spelen in deze keuzes?

Om daarop te antwoorden spraken we met Sarah Van den Eede van WWF. Als Senior Ocean Policy Officer verdedigt zij de bescherming van mariene en kustecosystemen en pleit ze voor een duurzaam gebruik van de zee. Ze behaalde een doctoraat in de mariene wetenschappen en werkte eerder bij een advies bureau gespecialiseerd in milieueffectrapportages.

Een rode draad loopt doorheen het gesprek: de energietransitie kan enkel succesvol zijn als ze goed is voor het klimaat, goed voor de natuur én goed voor de samenleving. Een systemische visie die nauw aansluit bij het engagement van de burgercoöperaties verenigd binnen SeaCoop.

1. Moeten we ons zorgen maken over de impact van offshore windturbines op biodiversiteit?

We moeten eerlijk zijn: ja, er is impact. Infrastructuur bouwen, ook op zee gebeurt nooit zonder impact. Maar de realiteit is genuanceerder dan een louter negatief verhaal.

Enerzijds worden die effecten vandaag grondig onderzocht, zeker in België, dat beschikt over een van de meest geavanceerde monitoringsprogramma’s ter wereld.

Anderzijds moet die impact bekeken worden binnen een bredere context:

  • offshore windenergie draagt bij aan hernieuwbare energieproductie;
  • en dus aan de strijd tegen klimaatverandering, nog steeds één van de grootste bedreigingen voor de oceaan.

Het gaat dus om een evenwicht tussen lokale impact op ecosystemen en een globale positieve impact voor het klimaat.

De vraag is vandaag niet meer óf er impact is, maar hoe we die slim beheren en als samenleving aanvaarden.

2. Welke factoren wegen op de mariene biodiversiteit en welke soorten worden getroffen?

De oceaan is een complex ecosysteem, opgebouwd uit verschillende “lagen”: de zeebodem, de waterkolom, het oppervlak en de lucht. Elke laag herbergt andere soorten, van microscopisch plankton tot zeezoogdieren en vogels.

De impact van offshore windparken verschilt naargelang die ecosystemen:

  • Geluid, vooral tijdens de bouw of ontmanteling, kan zeezoogdieren en vissen verstoren.
  • Elektromagnetische velden afkomstig van kabels beïnvloeden soorten die zich oriënteren of voortplanten via dergelijke signalen.
  • Veranderingen aan de zeebodem zijn veranderingen aan de habitats van talloze organismen
  • Gedragsveranderingen zoals migratie- of voedingspatronen kunnen wijzigen.

Ook microscopische organismen zoals plankton kunnen worden beïnvloed, terwijl ze cruciaal zijn voor het evenwicht van het ecosysteem en de voedselketen.

Het gaat dus niet om één enkele soort, maar om het volledige functioneren van het mariene ecosysteem.

3. Kunnen offshore windparken ook positieve effecten hebben?

Ja, maar dat aspect is afhankelijk van keuzes.

Vandaag zijn offshore windparken meestal gesloten voor bepaalde menselijke activiteiten zoals industriële visserij en scheepvaart. Daardoor vermindert de verstoring van de zeebodem aanzienlijk, terwijl die net één van de grootste drukfactoren vormt op mariene ecosystemen.

De structuren kunnen bovendien functioneren als artificiële riffen die bepaalde soorten aantrekken.

Maar voorzichtigheid blijft nodig:

  • deze biodiversiteit wordt gecreëerd door de infrastructuur zelf;
  • en stemt niet altijd overeen met de natuurlijke ecosystemen die we willen behouden en beschermen.

Offshore ontwikkeling zorgt dus tegelijk voor lokale positieve effecten én veranderingen van het milieu, die goed onderzocht en omkaderd moeten worden.

Bovendien leiden veranderingen in technologie en andere bouw-, materiaal- en beleidskeuzes ook tot het verlies van deze positieve effecten. 

4. Wat betekent “natuurinclusief design” en kan dit verplicht worden?

“Natuurinclusief design” betekent dat biodiversiteit geïntegreerd wordt vanaf het ontwerp van offshore projecten tot de ontmanteling.

Dat kan onder meer betekenen:

  • aangepaste structuren;
  • beperking van geluid en verstoring;
  • tijdelijke stillegging van turbines tijdens vogeltrek;
  • of een betere integratie van bestaande habitats.

Vandaag bestaan die oplossingen al en weten we hoe ze toegepast kunnen worden.

De echte uitdaging is politiek: 4Sea pleit ervoor om deze eisen op te nemen in aanbestedingen (via niet-prijsgebonden criteria) en in milieuvergunningen.

Zonder specifieke criteria, zoals vandaag het geval is voor de ontwikkeling van de toekomstige Elisabethzone, blijven dergelijke maatregelen grotendeels vrijwillig. Dat staat in contrast met andere landen, zoals Nederland, waar “nature inclusive design” wel expliciet wordt meegenomen. Met duidelijke regels kunnen deze maatregelen uitgroeien tot een echte standaard voor duurzame offshore ontwikkeling.

5. Wat is de 4Sea-coalitie en welke rol speelt SeaCoop?

De 4Sea-coalitie ontstond vanuit de vaststelling dat energie- en natuurdoelstellingen te vaak tegenover elkaar geplaatst werden.

De coalitie brengt verschillend milieuorganisaties samen rond een gemeenschappelijke Noordzeevisie: natuurinclusieve offshore energie ontwikkelen, biodiversiteit beschermen én maatschappelijke meerwaarde creëren.

SeaCoop onderschrijft de visie van 4Sea en ondertekende samen met de NGO’s van 4Sea en de sectoractoren een gezamenlijke intentieverklaring “Natuur in offshore windparken”.

Een deel van de toekomstige Prinses Elisabethzone bevindt zich bovendien nabij - en deels zelfs binnen - een beschermd Natura 2000-gebied. 4Sea onderstreept in deze zones nog meer het belang van sterke biodiversiteitscriteria binnen offshore ontwikkeling.

Het doel is duidelijk: offshore projecten promoten die goed zijn voor het klimaat, respectvol voor de natuur en positief voor de samenleving, een echte “win-win-win”-benadering.

6. Welke rol kunnen burgers en coöperaties spelen?

Burgers hebben meer invloed dan ze vaak denken.

Coöperaties zoals SeaCoop creëren een brug tussen offshore projecten en de samenleving, door mensen te informeren en vragen te beantwoorden.

Maar hun rol gaat verder:

  • ze kunnen ambitieuzere biodiversiteitseisen verdedigen;
  • deze thema’s op de politieke agenda zetten;
  • en mee richting geven aan beleidskeuzes.

Ze vertegenwoordigen ook een sterke maatschappelijke verwachting: een energietransitie die niet alleen technisch efficiënt is, maar ook betekenisvol en positief voor mens en milieu.

 

Meer info :